Avonturen in Nigeria (06)

Op bezoek bij Zwanikken.

In de verte roept een koekoek. ‘Hoor je niet veel meer.’, zeg ik. ’Legt zijn ei in het nest van een zangvogeltje en ‘t stomme dier heeft het niet door, denkt dat het zijn eigen jong grootbrengt. De kleine karekiet brengt met zijn 15 gram een reuzenbaby groot die bijna tienmaal zo zwaar is dan hijzelf. Als ’t koekoeksjong uitkomt gooit-ie de eieren van zijn stiefbroertjes en dito zusjes uit het nest. Een megajob, maar zo gaat het. Koekoek, koekoek. Je hoort ze niet veel meer, maar ik hoop dat ze hier niet uitsterven. De koekoek roept in ’t bos. Weet je, de wereld raakt langzaam maar zeker onttoverd en we gaan naar een wereldbevolking van 9 miljard toe. Verdomd, ik word er niet vrolijk van.’
Zwaan zucht. Neuriet met een krakerig luid geluid: ‘karre-karre-karre-kiet-kiet-orre-djuu-djuu-djuu’ en als ik verbaasd kijk, want volgens mij is hij verre van een vogelkenner: ‘Tja, heb ik opgepikt uit een heel lang gedicht van een Wandelgroep. Ik ken een van die lui en ze gaan er zo om de vijf weken op uit. Wandelen op de gekste plaatsen, door bos en hei en ’s winters in de stad. Mij niet gezien, ik heb genoeg gezien. Blijf liever dicht bij huis en de omgeving hier is erg mooi.’
Met Zwaan praat ik over van allerlei en nog wat maar probeer natuurlijk altijd op Afrika terecht te komen want ben benieuwd hoe hij daar heeft geleefd en al dat geld heeft verdiend en daarom vraag ik maar eens of hij Hemingway heeft gelezen. ‘Prachtige dialogen’ zegt hij ‘en een interessante kerel.’ En ik bevestig; ‘Bij de Kilimandjaro, De groene heuvels van Afrika’.
Journalist en oorlogsverslaggever. Maar dat is weer Oost-Afrika. Afrika is geweldig groot. Geen wonder dat je er in het museum maar moeilijk zicht op krijgt. En toch menen wij in Europa al snel dat we wel weten hoe het zit. Tot voor kort vrijwel alleen ellende. Nu hoor je ook weer dat daar de groei ligt, dan weer zie je ellende-filmpjes over uitbuiting in de mijnbouw, etc., teveel om op te noemen of hoort berichten over de Chinezen die er zijn gekomen en het beter doen dan de oude kolonialen totdat er weer een artikel verschijnt dat de Chinezen ook niet zo erg geliefd zijn omdat ze alleen maar wegen aanleggen of stadions maken en zo op zichzelf zijn.
En veelal gaat het dan over heel Afrika, grote stukken, dit land of een ander. Een Afrika dat helemaal niet bestaat want het is geweldig en gedifferentieerd alhoewel er natuurlijk wel algemene trekken zijn, overeenkomende kenmerken.
In die zin hoort Griekenland in mijn gevoel tot Europa ook als de Grieken de zaak belazerd hebben, met behulp van de banken. ‘Timeo Danaos, et dona ferentes’, zeiden de omliggende steden al, naar de Romeinen ons vertellen. ‘Vrees de Grieken, juist als ze geschenken brengen.’In ieder geval kun je niet toestaan dat de Griekse scheepsmagnaten geen belasting betalen, dus er moet wel wat gebeuren. Wat is er toch met de Grieken gebeurd ? Panta rhei; alles stroomt.
Dit is even een zijsprong, zoals je, lezer, wel bemerkt zult hebben, maar terwijl de nacht viel op het terras van Zwanikken en de zon over de beboste heuvelrand in paarsrode, eerder fluweelzachte, nee roodgouden stralen en whisky-achtige tinten onderging, hebben wij, Zwaan, Minouche, ik met mijn vriendin en de oude Visser met zijn vrouw die langs was komen wippen, het hierover gehad. En natuurlijk niet alleen hierover maar ook over veel van alles wat zoal ter sprake komt onder normale mensen.
Over Afrika had iedereen natuurlijk een eigen mening en je zag Zwaan, die er lang gewoond heeft, dikwijls wanhopig kijken. Hij heeft er immers gewoond en weet waarover hij het heeft en wij hebben het alleen maar via de media. Hij heeft er een aparte en geheel eigen kijk op. Dikwijls niet zo’n mooie, terwijl hij dan ook weer erg aardige dingen over de mensen zegt, bij voorbeeld over zijn amante en andere meiden waar hij mee had geslapen, etc.. Ook roemde hij het gemeenschapsgevoel, maar dan had-ie het minder over de slumps die maar blijven groeien en hij heeft wel tien keer geroepen; ‘Ik ken Afrika helemaal niet’. of ’ Ik heb het alleen maar over een stukje Nigeria.’ Of; ‘Jullie kletsen uit je nekharen.’ ’t Was een gezellige avond, daar niet van, maar dat komt natuurlijk omdat we een zekere beschaving hebben en het ook gezellig wilden houden en niet al te diep op de zaken ingingen en zeker niet op hoe hij in zo’n arm continent nu toch eigenlijk aan zijn geld was gekomen want er hangt heel wat dure moderne en oude Afrikaanse kunst aan de muren en nu ja, met de Bugatti, enzovoorts in de schuur en gewoon de villa in de heuvels is hij daar allerminst bescheiden mee omdat hij het eerlijk verdiend heeft.
En nu we het toch even over de dialogen van Hemingway hebben gehad.
Kort en krachtig. De dialogen met Zwaan zijn dikwijls kort en krachtig en zo praat Zwaan eigenlijk ook. Vooral als ik het weer eens over Nigeria en zijn belevenissen wil hebben. Dat gaat dan bij voorbeeld als volgt; ‘Zwaan, vertel me nou eens wat meer over die begintijd in de bush?’
‘Hmm, verdomd interessant, we gingen wel op jacht. Spannend, veel wild.’
‘Wat schoten jullie dan?’
‘Van alles man, toen stikte ’t nog van het wild.’
‘Ja, maar wat voor wild?’
‘Bosvarkens, een soort patrijzen, apen, die aten ze.’
En dan liepen we weer door de bossen bij de stad N. of we hadden ’t bij hem thuis over de lopende zaken van de dag waar hij meer belangstelling voor had, de beurskoers of de verdomde muziek die je in de stad hoorde bij de feestweken, bam, bam, bam en die lui zouden eens naar Afrika moeten gaan om iets van ritmes te leren. Daar had je een traditie wat drums betreft. Er werden boodschappen mee overgezonden. De goden werden er mee geëerd, de voorouders op de hoogte gehouden. Een vuurwerk aan verscheidene rhytmes – hoe schrijf je het eigenlijk? – hij kon er uren naar luisteren. En in de nacht klonk het geluid dreigend en geheimzinnig door de rimboe. Bij Fela Kuti en anderen kon je het beluisteren. De muziek had zin en betekenis. Maar hier was ’t overgewaaid en ontaard in een stomme bête oorverdovende rimram en als hij bij die feesten over Het Park liep moest hij ervan kotsen. En ik begreep hem maar al te goed!
O, hoe graag zou ik nu overbrengen hoe die ritmiek in elkaar steekt. Wat er allemaal gebeurt. In Mozambique werd ik een keer sonoor met revolutionaire strijdliederen toegezongen door de vissers en nog staat die muziek in mij gegrift als een ervaring van schoonheid, wildheid, ritmiek, terwijl het toen toch alleen maar gezongen werd, maar je voelde de essentie en de kracht van Afrika en verdomd zit ik al weer te generaliseren want we hebben het immers over Nigeria en daar zal ’t toch ook weer heel verschillend zijn van hoe ’t in Mozambique toegaat. En bij de voorbereidingscursus op het Koninklijk Instituut voor de tropen werd altijd een avond muziekvoorlichting gegeven voor de lui die in Afrika gingen werken en ook een avond dans die natuurlijk zo’n beetje de vrolijkste van de cursus was en werd gegeven door een Afrikaan, wat wil je.
En zo onderscheid je drommels goed hoe verfijnd en prachtig en krachtig Afrikaanse ritmes zijn en dat heel veel van de moderne popmuziek of metal of punk of hoe ’t mag heten gewoon rotzooi is en dan hebben we het niet over de rhytm en blues, dat mag duidelijk zijn.
‘k Heb soms echt met de jeugd te doen die al dat gebonk voor vol aanziet en vroegtijdig doof wordt. Maar wat doe je eraan. Volgens mij zit de commercie en een hele cultuur er achter, alhoewel ik de laatste tijd besef, want wat weet ik ervan, dat er ook prachtige muziek bij kan zitten. Er tussenin, als het ware, of er bovenuit!
Ik bedoel sommige programma’s, popbladen, dj’s. Soms een documentaire op radio en t.v. waardoor je beseft; ‘ ’t Was toch wel een ster.’ Omdat je ’t geheel ziet, de ontwikkeling en niet het gebons hoort. Zoals eens, twee kilometer verderop in het stadion, en eerst dacht dat er vliegtuigen overvlogen.
’t Is een zoektocht naar primitivisme dat we beter in Afrika kunnen ontdekken waar ’t primitivisme nog origineel en verfijnd is en de oorlogen met moderne kalashnikovs en geweren worden uitgevochten om van het zwaardere tuig maar niet te spreken. ’t Blijft natuurlijk een feit dat er in ’t continent, alhoewel je ’t in veel gebieden ook helemaal niet merkt, veel gevochten wordt. Vooral in de Congo, maar daar horen we niet veel van, zijn er de laatste decennia miljoenen doden gevallen. Stille oorlogen noemen we die want ze dringen minder in de pers door. Eigenlijk hoef je niet zo verbaasd te zijn over die oorlogen want, om één ding te noemen, de grenzen zijn er, vooral op die Conferentie van Berlijn in 1889 nogal willekeurig, dwars door stamgebieden heen, getrokken. Lezer, staan de komma’s goed? In Fashoda, nu in ’t Zuiden van de Soedan, ontmoetten de Fransen en de Britten elkaar al eerder om de zaak te verdelen en de Duitsers kregen op ’t laatst nog een stuk van Oostelijk Afrika. De Belgen hebben er helemaal een potje van gemaakt en daarom moet je maar niet verbaasd zijn dat ’t in de Congo een rotzooitje is.
En hoewel ‘k ook vaak de neiging heb om de ellende van nu niet aan die kolonialen toe te schrijven liggen er toch wel wortels, om ’t zo maar eens te zeggen. Ik bedoel, en dan zwijg ik nog maar over Wereldoorlog I en II, wij hebben ook zo onze geschiedenis in Afrika. En dat de Belgen eerst altijd de Tutsi’s als mede-regeerders gebruikten en toen de de-kolonisatie door die lui werd geëist de Hutu’s gingen opjutten, is helemaal een schande. Bij die miljoen doden in Rwanda liggen de bebloede machetes in de handen van het povere landarme, enz. boeren en stadsgespuis, maar verdomd, ’t zijn ook de handen van Pilatus, die ik overigens al een veel nettere figuur beschouw dan ’t politieke en ambtenarengespuis dat de Hutu’s tegen de Tutsi’s ophitste. Maar goed, je ziet, als je ’t over Nigeria wilt hebben dwaal je al gauw heel Afrika door, want wat weten we nu nog van Nigeria? Dat Ben Okri er mooie stadsverhalen over heeft geschreven, ja dat wel! En de Portugezen, zie maar in FADO Alexandrino van António Lobo Antunes zijn er nog lang blijven zitten. Nee, niet in Nigeria maar in Guinée Bissau, Angola en Mozambique waar ’t nu iets beter schijnt te gaan, althans met ’t bruto nationaal product alhoewel in Guinée Bissau weer minder schijnt te zijn. Hoe ’t nou precies met Nigeria gaat zou ik niet weten en moet nog eens bij deskundigen informeren en ook natuurlijk bij Zwanikken, die trouwens met zijn voornaam Antonius Maria heet, maar waar wij altijd Zwaan tegen zeggen.
Lobo Antunes heeft trouwens nog in Mozambique gevochten en weet van de hoed en de rand. ’t Boek leest niet makkelijk, maar eigenlijk toch ook weer wel en je moet je maar mee laten slepen. Heel veel van die lui schrijven met een soort wildheid over dat continent waar je natuurlijk wel een beetje wantrouwend tegenover mag staan. Ze denken zeker dat ’t er zo bij hoort en dat de Europese lezer ook wel eens over geheimzinnigheid, duistere rituelen en geheime genootschappen wil horen alhoewel Lobo Antunes het daar eigenlijk niet over heeft. Impliciet zou ik zeggen en wat Jef Geeraerts, de Belg die bestuursambtenaar in de Congo was, allemaal opdist: ‘k weet het niet, maar ’t was verdomd heftig en later met Kasavoeboe en Loemoemba kwam ’t natuurlijk ook wel uit. De toespraak van koning Boudewijn en daarna de moord op Loemoemba. Die tijd, toen Moboetu aan de macht kwam; er Zaire van maakte en met een luipaardvel op zijn hoofd liep. Begreep Afrika natuurlijk. Goed, nu we toch bezig zijn; Congo van David van Reybrouck geeft ’t allemaal wat wetenschappelijker weer. En nu zie je, ’t gaat vanzelf. Als Europeaan heb je een soort Afrika in je kop en je springt van land naar land, want ’t gaat immers over Afrika, terwijl je natuurlijk best een beetje onderscheidend mag denken. Ik bedoel, als je het over Polen hebt leuter je toch ook niet over Spanje. Alhoewel ze natuurlijk allebei een behoorlijke of onbehoorlijke katholieke geschiedenis hebben met naar ik meen allebei een Zwarte Madonna. In ieder geval hebben ze allebei een heleboel madonna’s. En nu hoor ik weer dat, hoewel het poolijs smelt, er lokaal ook weer stukken ijs aangroeien en de onderzoeker zegt; ‘Je moet ook de details kennen.’ ’t Maakt het leven wel bar ingewikkeld. Maar we hebben het over Nigeria en dat land beslaat 923.768 vierkante kilometers en heeft veel meer dan 100 miljoen bewoners met vijf grote groepen, de Peuhl en de Fulani en de Yoruba’s en de Ibo’s en de Haussa nog eens ruim 250 andere stammen die verschillende talen spreken en praat me niet van details, want dan komen we met dit feuilleton geen stap verder. Alhoewel Zwanikken me toch over bepaalde details wel iets moet kunnen vertellen.
Over Nigeria heb ik dus de laatste tijd wel iets gehoord omdat ik Zwanikken ontmoette die er lang heeft gewoond. We ontmoetten elkaar toevallig in de bibliotheek en kwamen in gesprek omdat het apparaat waar je de boeken die je meeneemt registreert niet werkte en we ’t daar over hadden. Van het een op het ander kwamen en elkaar daarna nog wel vaker in de bibliotheek zagen en een kop koffie dronken en nu ja, je weet zo gaat dat. De bibliotheek is een sociale ontmoetingsplaats. Ik herinner me, maar dat is een beetje voorbij, dat jaren geleden het ook een ontmoetingsplaats was voor verslonsde marginalen, maar tegenwoordig zie je die niet veel meer. ’t Zit nu weer voller met studerenden en staat vol met computers. Als je hier rondkijkt denk je dat ’t wel goed moet komen met de natie. Kenniseconomie en zo; dat is wat ik bedoel. Hoe dan ook, de bibliotheek heeft meerdere functies en is een nuttige maatschappelijke instelling waarop ze onlangs flink hebben bezuinigd. Personeel ontslagen. Misschien was dat ook wel nodig, maar je merkt dat de boeken slordiger in de boekenkasten staan en je kunt vragen bij minder mensen kwijt alhoewel er wel constant een centrale desk bezet is, dat moet gezegd. Meer mensen in rijen, maar dat is normaal en zie je overal en de mensen zijn er klaarblijkelijk aan gewend want ze staan rustig te wachten en hebben bovendien constant oordoppen op om naar muziek te luisteren, dus er is wel degelijk vooruitgang.
Nu zei ik dat het boek van Lobo Antunes, en dat komt door de lange zinnen die soms wel een bladzijde lang zijn, niet gemakkelijk te lezen is en als je een nieuwsgierig mens bent wil je natuurlijk weten hoe zo’n zin dan bij voorbeeld wel luidt en hieronder heb je er een. Uit de eerste bladzij, whap, en ‘t zijn misschien niet eens de lange zinnen, maar eerder de vermenging der gebeurtenissen binnen de zinnen die ’t boek zo snel en weerbarstig maken, zoals op vele volgende bladzijden waar de gebeurtenissen in Lissabon en Mozambique dooreen worden gehusseld. Kijk maar!

Gaat over de oorlog, die we hier, want verdient het, maar eens in kleine lettertjes neerschrijven.

Maar bij nader inzien voegen we die bladzij maar niet toe. ’t Gaat immers over Nigeria en we moeten niet teveel afdwalen.

 

INTERVAL

Er is zoveel wereldnieuws en als je in Nigeria woont dan zul je bemerken dat Nederland toch een klein land is en zelden in de krant wordt genoemd. Maar wat weten wij eigenlijk van Nigeria en wil je wel geloven dat ik blij was toen ik, in de krant van 31 maart 2016, een berichtje over dat land vond. Bij Economie, want meestal gaat het dan toch over olie en Shell.
We kunnen in ons feuilleton niet blijven steken bij de kunst van de Yoruba of een aanval van Boko Haram in het Noorden en daarom enkele gegevens hierbij.
In de Golf van Guinee, voor de kust van Nigeria, ligt Olieveld OPL 245, ontdekt in 1998 en een kwart van de Nigeriaanse oliereserves bevattend; ruim negen miljard vaten ruwe olie.
Over dit veld is een boel gedonder. In 2000 sloot Shell een overeenkomst met Malibu Oil & Gas, een Nigeriaanse bedrijf dat eigenaar was. De Nigeriaanse overheid trok de verleende licenties weer in, het kwam in 2010 aan Malibu en via de dochterbedrijvenShell Nigeria Exploitation and Production Company (SNEPCo) en Nigeria Agip Exploration (NAE) kwam het olieveld in 2011 weer in handen van Shell, nu samen met ENI, de Italiaanse maatschappij.
In dit alles speelde de ex-minister Dan Etete een rol en die wordt nu beschuldigd van witwassen van geld. Shell zou geweten hebben dat er geld naar deze man is doorgesluisd. Dat ontkent Shell, maar volgens Zwaan is het heel waarschijnlijk dat ze er van op de hoogte waren. ‘Anders kun je helemaal niet werken in dat land’, zegt hij.
Ook citeren we nog uit het artikel: ‘De nieuwe Nigeriaanse president
Muhammadu Buhari, die zegt de bestrijding van de corruptie in zijn land tot speerpunt van zijn beleid te hebben gemaakt, wil het olieveld terugvorderen.’
‘Ja’, beweert Zwanikken, ‘’t valt niet mee om in dat land eerlijk te blijven’.
Nu ja, wij weten er het fijne niet van en onthouden ons van een oordeel. ’t Valt heus niet mee om het fijne van een groot land te weten te komen en dit feuilleton is slechts een ruwe poging om de lezer enigszins op de hoogte te brengen.

Lees vervolg in blog: ‘Avonturen in Nigeria (7)’


 

 

3 thoughts on “Avonturen in Nigeria (06)

    • Ik heb het artikel (blog?) gelezen over Nigeria. Heel goed leesbaar, maar wel wat wijdlopig en het duurt even voordat je op het onderwerp uitkomt. De foto is als illustratie wel erg sterk met dat jongetje tussen de transport buizen en containers. Vaak zegt een beeld meer dan vele woorden. Ga zo door !

Plaats een reactie